Nanotechnologie

De nanotechnologie is in enorme ontwikkeling. Op allerlei gebieden worden uitvindingen gedaan. Nieuwe medicijnen, nieuwe verf, snellere computers, waterzuivering, enz. enz. Allemaal door superkleine constructies te maken, kleiner dan de punt van een naald. Stel dat er nanoconstructies gemaakt zouden kunnen worden die energiepakketjes maken die we weer kunnen gebruiken om andere nanomachientjes mee aan te drijven? Dat klinkt als toekomstmuziek.

Het ATP-synthase eiwit

Er is al zo’n apparaatje! Het is zo’n 10 nanometer groot. In 1997 werd zo’n apparaatje zichtbaar gemaakt door het team van de Japanse onderzoekers Kinosita en Yoshida┬╣. Als het rad van een soort watermolen draait het rond. Door die beweging gaat een gekoppeld apparaat open. Er komen dan twee moleculen binnen in de opening. Het rad draait ondertussen verder waardoor de opening sluit en de twee moleculen aan elkaar gekoppeld worden tot een energiepakketje. Daarna opent het apparaat zich weer en laat het energiepakketje los.

De energiepakketjes worden gebruikt voor transport, voor het aandrijven van complexe systemen waarmee letterlijk voorwerpen van vele kilogrammen opgetild kunnen worden en voor het voorzien van energie aan ingenieuze computersystemen.

Het apparaatje zit in jouw lichaam! Je hebt er vele miljarden van. Ze zorgen dat je kunt denken, je spieren kunt bewegen en voor nog veel meer noodzakelijke processen. Het gaat om het eiwit ATPase dat het energierijke ATP maakt. Een knap staaltje techniek!
Hoe het gebouwd moet worden staat te lezen op het DNA, een soort boek dat in jouw cellen aanwezig is. Het boek wordt gelezen door andere apparaten. Daar is ook ATP voor nodig. Daarna wordt het apparaat in elkaar gezet met behulp van andere apparaten. En voor het maken van het boek zijn apparaten nodig die beschreven staan in het boek. Je zit ingewikkelder in elkaar dan je misschien denkt!